ECLI:NL:RVS:2004:AR6758
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.A.M. van Angeren
- W.D.M. van Diepenbeek
- S.C. van Tuyll van Serooskerken
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vergunning woningonttrekking wegens ontbreken zwaarwegend economisch belang
Appellante verzocht om een vergunning om een woning aan de Van Ostadestraat 115-souterrain in Amsterdam te onttrekken aan de woningvoorraad. Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Amsterdam Oud Zuid verleende aanvankelijk de vergunning, maar herzag dit besluit na bezwaren van omwonenden en een belangenbehartigingsstichting, en wees de aanvraag af.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de bezwaarmakers een rechtstreeks belang hadden en ontvankelijk waren. Vervolgens werd vastgesteld dat het beleid vereist dat onttrekking alleen kan plaatsvinden indien dit noodzakelijk is voor een zwaarwegend economisch belang van een ter plaatse gevestigd bedrijf.
Appellante kon niet aantonen dat haar aanvraag daaraan voldeed. Ook een beroep op het vertrouwensbeginsel slaagde niet omdat geen toezeggingen waren gedaan door het bevoegd gezag. De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de vergunning bevestigd.