ECLI:NL:RVS:2004:AR8345
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.M. van Angeren
- M. Oosting
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing vergunning fokzeugen-, vleesvarkens- en paardenhouderij
Bij besluit van 20 april 2004 verleende het college van burgemeester en wethouders een milieuvergunning voor het oprichten en in werking hebben van een fokzeugen-, vleesvarkens- en paardenhouderij aan een vergunninghouder te [plaats]. Diverse appellanten stelden beroep in tegen dit besluit, waarbij zij onder meer bezwaren maakten tegen stankhinder, geluidsoverlast en de milieueffecten van het koeldeksysteem.
Tijdens de procedure trokken appellanten hun bezwaren over stankhinder in. De Raad van State oordeelde dat appellanten sub 2 niet-ontvankelijk waren voor een deel van hun beroep omdat zij niet tijdig hun gronden hadden ingebracht, maar dat zij alsnog in hun beroep konden worden ontvangen wegens een aanvullend beroepschrift binnen de gestelde termijn. De overige beroepen werden inhoudelijk beoordeeld.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit bevoegd was genomen en dat het aangevraagde stalsysteem een gesloten koelsysteem betreft zonder lozing van grondwater. De geluidnormen en de gehanteerde referentiepunten voor geluidsoverlast waren redelijk en in overeenstemming met de geldende handreiking. Ook de verkeersbewegingen veroorzaakten geen overschrijding van de voorkeursgrenswaarde. Andere bezwaren, zoals luchtverontreiniging en planologische aspecten, werden eveneens ongegrond verklaard.
De Raad van State verklaarde het beroep van appellanten sub 2, voor zover niet ontvankelijk, niet-ontvankelijk en de overige beroepen ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Beroepen deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond; vergunning blijft in stand.