ECLI:NL:RVS:2005:AS2155
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- P.A. Offers
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning woningonttrekking complex Zwarte Madonna te Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag verleende op 24 en 30 september 2003 toestemming tot woningonttrekking voor woningen in het complex Zwarte Madonna. Tegen dit besluit werd bezwaar gemaakt en beroep ingesteld door meerdere bewoners. De voorzieningenrechter verklaarde sommige beroepen niet-ontvankelijk en andere ongegrond. In hoger beroep stelde de Raad van State vast dat enkele appellanten niet ontvankelijk waren omdat zij geen bezwaar hadden gemaakt tegen het primaire besluit.
De kern van het geschil betrof de belangenafweging tussen het belang van woningonttrekking voor economische en stedenbouwkundige herontwikkeling en het belang van behoud van de woonruimtevoorraad. Appellanten voerden aan dat het belang van behoud van de woningvoorraad zwaarder woog, mede gezien het tekort aan huurwoningen en de beschikbaarheid van kantoorruimte elders.
De Raad van State oordeelde dat het college beoordelingsruimte heeft bij deze belangenafweging en dat het besluit tot vergunningverlening niet onredelijk was. Het college had zich verplicht tot nieuwbouw van sociale huurwoningen en andere huurcategorieën in het centrum van Den Haag. De Raad bevestigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en wees de beroepen af.
Uitkomst: Het hoger beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond; het besluit tot vergunning woningonttrekking wordt bevestigd.