ECLI:NL:RVS:2005:AS3153
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- J.G.C. Wiebenga
- H. Borstlap
- S.L. Toorenburg-Bovenkerk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunningbesluit cremeren grote huisdieren wegens onbevoegd gezag
Bij besluit van 11 december 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Breda een vergunning voor het veranderen van een inrichting voor het cremeren en begraven van dieren, waaronder het plaatsen van twee extra ovens en een nieuwe schoorsteen.
Appellant stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het college niet bevoegd was om op de aanvraag te beslissen. De Afdeling bestuursrechtspraak toetste ambtshalve de bevoegdheid en concludeerde dat gedeputeerde staten bevoegd zijn voor inrichtingen die vallen onder categorie 8.1, waaronder het cremeren van grote huisdieren zoals paarden.
Omdat de aanvraag betrekking had op het cremeren van paarden, waarvoor een vergunning van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport vereist is, was het college van burgemeester en wethouders niet bevoegd. Het besluit is daarom vernietigd. De overige beroepsgronden werden niet meer behandeld. Verweerder is veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Breda tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens onbevoegdheid.