ECLI:NL:RVS:2005:AS3222
Raad van State
- Hoger beroep
- R.R. Winter
- B.J. van Ettekoven
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing ontheffing tweede woning Veere wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Het college van burgemeester en wethouders van Veere heeft op 23 januari 2003 het verzoek van appellanten om ontheffing van het verbod op het gebruik van een woning als tweede woning afgewezen. Dit verbod is neergelegd in artikel 2 van Pro de Gebruiksverordening tweede woningen Veere. Appellanten maakten bezwaar en stelden beroep in tegen deze besluiten, maar zowel het college als de rechtbank Middelburg verklaarden deze ongegrond.
Appellanten voerden onder meer aan dat het college in het verleden ontheffingen had verleend buiten de in de verordening genoemde uitzonderingen en dat er sprake was van gedogen van het gebruik als tweede woning. De Raad van State oordeelde dat de stukken slechts tijdelijke ontheffingen en ontheffingen op grond van de hardheidsclausule betroffen, en dat er geen aanwijzingen waren voor gedogen. Bovendien was gebleken dat steeds een lid van de familie op het adres stond ingeschreven, waardoor het criterium voor hoofdverblijf werd voldaan.
Daarnaast stelde appellanten dat het gemeentebeleid inconsequent was door enerzijds het aantal tweede woningen te willen beperken en anderzijds nieuwe recreatiewoningen toe te staan. De Raad van State verwierp dit betoog omdat het nieuwe project woningen toevoegt aan de woningvoorraad en daarmee niet strijdig is met het beleid.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om ontheffing bevestigd.