ECLI:NL:RVS:2005:AS3225
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- P.A. Offers
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving illegale bouwwerkzaamheden en bewoning dierverblijf in Utrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht legde appellanten een last op om illegale bouwwerkzaamheden op hun perceel te verwijderen en de bewoning van een dierverblijf te beëindigen. Dit besluit werd gedeeltelijk aangepast na bezwaar, maar de voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellanten ongegrond.
Appellanten gingen in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het perceel volgens het bestemmingsplan bestemd is voor woondoeleinden met strikte beperkingen op bebouwing en gebruik. De bouw van een berging bij het dierverblijf was zonder vergunning en overschreed de toegestane oppervlakte. Bewoning van het dierverblijf buiten de bebouwingsgrens was verboden.
Het college had terecht gehandhaafd omdat geen concreet zicht bestond op legalisatie en het handhavend optreden niet onevenredig was. De bouwaanvraag van appellanten voor legalisatie deed hieraan niet af. Ook het feit dat het dierverblijf sinds 1996 bewoond werd, rechtvaardigde geen afwijking van het besluit. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de voorzieningenrechter.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het handhavingsbesluit en verklaart het hoger beroep ongegrond.