ECLI:NL:RVS:2005:AS3898
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Intrekking toestemming en last onder dwangsom wegens afwijkende samenstelling ingevoerde verontreinigde grond
Verweerder heeft bij besluit van 27 augustus 2003 de toestemming ingetrokken voor de invoer van verontreinigde grond uit Frankrijk door appellante, omdat monsters van de ingevoerde grond afweken van het bij de kennisgeving overgelegde analyserapport. De afwijkingen betroffen onder meer de aanwezigheid van cyanide en een hoger gehalte aan polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en arseen.
Appellante voerde aan dat de bemonstering niet representatief was en dat de aanwezigheid van cyanide geen belemmering vormde omdat zij een vergunning heeft voor verwerking van cyanidehoudende grond. Verweerder stelde dat sprake was van sluikhandel door het verkrijgen van toestemming op basis van een onjuiste voorstelling van zaken.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat iedere vracht afvalstoffen overeen moet komen met de samenstelling zoals omschreven in de kennisgeving en het analyserapport. Omdat de bemonsterde partijen afweken, was intrekking van de toestemming terecht. Ook was de overtreding van het verbod op sluikhandel vastgesteld. Het beroep van appellante werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de toestemming en de last onder dwangsom is ongegrond verklaard.