ECLI:NL:RVS:2005:AS3901
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Beekhuis
- P.A. de Vink
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vergunning paardenhouderij wegens milieuhinder en verkeersproblemen
Verweerder heeft op 15 juni 2004 een vergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een paardenhouderij op een perceel te [plaats]. Appellanten hebben tegen dit besluit beroep ingesteld bij de Raad van State. Een deel van het beroep is door de Raad van State niet-ontvankelijk verklaard omdat appellanten geen bedenkingen hadden ingebracht tegen het ontwerpbesluit.
De beroepsgronden die ontvankelijk zijn verklaard betreffen onder meer de verkeersproblemen op de Westerweg. Appellanten vreesden stank- en geluidshinder door de inrichting. De Raad van State oordeelde dat verweerder zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat de afstand van circa 55 meter tussen paardenstal en woningen voldoende was en dat de geluidbelasting door verkeer binnen de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) bleef.
Verder stelde de Raad van State vast dat er voldoende parkeergelegenheid aanwezig was (13 plaatsen) en dat de verkeersbelasting niet zodanig was dat de vergunning geweigerd moest worden. Het beroep is daarom, voor zover ontvankelijk, ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunning voor de paardenhouderij is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond verklaard.