ECLI:NL:RVS:2005:AS3912
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- L. Groenendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen schadevergoeding HSL-Zuid
Het algemeen bestuur van het Schadevergoedingsschap HSL-Zuid wees het verzoek van appellant om schadevergoeding af. Appellant maakte bezwaar, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn. De rechtbank vernietigde het besluit en verklaarde het bezwaar opnieuw niet-ontvankelijk. In hoger beroep betoogde appellant dat zijn gezondheidsproblemen en advies van zijn zonen het late bezwaar rechtvaardigden.
De Raad van State oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn fysieke gesteldheid hem verhinderde tijdig bezwaar te maken of zijn belangen te laten behartigen. Het telefoongesprek na afloop van de termijn bood geen grond voor een ander oordeel. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De Raad van State stelde dat het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaarschrift terecht was en dat er geen aanleiding was voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 26 januari 2005.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift bevestigd.