ECLI:NL:RVS:2005:AS4692
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Ch.W. Mouton
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen revisievergunning scheepswerf en geluidhinder voorschriften
Bij besluit van 1 maart 2004 verleende gedeputeerde staten een revisievergunning aan een scheepswerf voor werkzaamheden aan metalen schepen van 25 meter of meer. Appellanten stelden dat het college van burgemeester en wethouders bevoegd was en dat in de praktijk alleen kleinere schepen werden behandeld. De Raad oordeelde dat het bevoegd gezag juist is vastgesteld op basis van de aanvraag en dat ook daadwerkelijk schepen van meer dan 25 meter worden geaccepteerd.
Verder werd het beroep deels niet-ontvankelijk verklaard omdat appellanten sub 2 niet tijdig bedenkingen hadden ingebracht over luchtverontreiniging. De Raad verwierp het bezwaar wegens termijnoverschrijding van de besluitvorming omdat geen aantoonbare belangen zijn geschaad. Ook werd geoordeeld dat de aanvraag voldoende informatie bevatte en dat bezwaren over naleving van voorschriften en gebruik van een derde helling niet relevant waren voor de vergunning.
Ten aanzien van geluidhinder stelde de Raad dat een geluidzone van rechtswege geldt sinds 1993 en dat voorschriften in de vergunning voldoende zijn om een toename van het geluidniveau te voorkomen. Het akoestisch onderzoek werd als representatief beoordeeld. Het verzoek om een verbod op werken op christelijke feestdagen werd eveneens afgewezen omdat de wet dit niet voorschrijft.
De Raad verklaarde de beroepen ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. Hiermee bleef de revisievergunning ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: De beroepen tegen de revisievergunning voor de scheepswerf worden ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.