ECLI:NL:RVS:2005:AS6217
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning dierenartspraktijk wegens onjuiste beoordeling stankhinder
Bij besluit van 6 april 2004 verleende het college van burgemeester en wethouders van Druten een vergunning voor het oprichten en exploiteren van een dierenartspraktijk met paardenkliniek en het houden van 20 fokpaarden. Appellanten stelden dat zij onaanvaardbare stankhinder ondervonden en dat de vergunning onterecht was gebaseerd op bestaande rechten.
De Raad van State oordeelde dat appellanten ontvankelijk waren in hun beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de vergunningverlening onjuist was omdat een nabijgelegen groentewinkel ten onrechte niet als stankgevoelig object was aangemerkt en dat de vergunning niet op bestaande rechten kon worden gebaseerd, aangezien voor de inrichting geen eerdere vergunning was verleend en het Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer niet van toepassing was.
De Afdeling vernietigde het besluit in zijn geheel vanwege strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellanten. De overige beroepsgronden werden niet meer behandeld omdat het stankaspect doorslaggevend was.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens onjuiste motivering omtrent stankhinder en bestaande rechten.