Uitspraak
200206222/1(AB 2003, 355) komt de Voorzitter tot het oordeel dat het niet instellen van hoger beroep tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 augustus 2004 tot gevolg heeft dat de voorzieningenrechter, nu in beroep tegen de nieuwe beslissing op bezwaar beroepsgronden zijn aangevoerd die door de voorzieningenrechter in die uitspraak uitdrukkelijk en zonder voorbehoud zijn verworpen, van de juistheid van het eerder gegeven oordeel over die beroepsgronden had dienen uit te gaan.