ECLI:NL:RVS:2005:AS8443
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over beëindiging verstrekkingen asielzoeker wegens onvoldoende medewerking
Het college heeft op 24 april 2003 de verstrekkingen aan een vreemdeling krachtens de Regeling opvang asielzoekers beëindigd. De vreemdeling maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 29 januari 2004 door het college werd gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. Het college ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank niet bevoegd was om kennis te nemen van het beroep, maar verklaarde de uitspraak bevoegdelijk gedaan. Tevens constateerde de Afdeling dat de rechtbank een kennelijke verschrijving had gemaakt door het beroep zowel gegrond als ongegrond te verklaren. Verder was de tenaamstelling van het bestuursorgaan onjuist en had de rechtbank ten onrechte het besluit van 24 april 2003 vernietigd in plaats van dat van 29 januari 2004.
De Afdeling stelde vast dat de vreemdeling onvoldoende medewerking verleende aan zijn terugkeer, zoals door de IND was vastgesteld. Het college mocht op deze mededeling afgaan omdat er geen concrete aanleiding was tot twijfel. De rechtbank had ten onrechte omstandigheden betrokken die buiten het toetsingskader vielen, zoals het contact met de gehandicapte dochter na terugkeer. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard.