ECLI:NL:RVS:2005:AT3241
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.M. Boll
- J. Heijerman
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake revisievergunning milieubeheer voor stort- en verwerkingsinrichting
Bij besluit van 30 december 2004 heeft het college van gedeputeerde staten van Utrecht aan verzoekster een revisievergunning verleend voor een inrichting voor het storten en verwerken van diverse afvalstoffen, inclusief bouw- en sloopafval, groenafval en baggerspecie, gelegen aan twee locaties te een plaats. Verzoekster heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld op 22 maart 2005. Tijdens de behandeling heeft verzoekster een aantal onderdelen van haar verzoek ingetrokken. De Voorzitter heeft de verschillende bezwaren van verzoekster tegen diverse vergunningvoorschriften beoordeeld, waaronder voorschriften over de stortgasbenuttingsinstallatie, registratie van afvalstoffen, stortverbod voor composieten, drain in de oostelijke uitbreiding en acceptatie van verdachte afvallocaties.
De Voorzitter oordeelde dat de meeste voorschriften redelijk en noodzakelijk zijn ter bescherming van het milieu en voldoende duidelijk zijn geformuleerd. Wel is het voorschrift 5.6.1.6 betreffende de drain in de oostelijke uitbreiding geschorst omdat andere methoden geschikter zijn voor het bepalen van de grondwaterstand. Tevens is het college van gedeputeerde staten veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan verzoekster.
De voorlopige voorziening heeft een voorlopig karakter en is niet bindend voor de bodemprocedure.
Uitkomst: Voorschrift 5.6.1.6 betreffende de drain wordt geschorst; overige verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen.