ECLI:NL:RVS:2005:AT3701
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- W. van Hardeveld
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen bezwaar staatssecretaris inzake overbrenging minerale stoffen naar Duitsland
Verzoekers, AVG Recycling Heijen B.V. en Sporkenbach Ziegelei GmbH Möckern, wilden 30 miljoen kilogram minerale stoffen overbrengen naar Duitsland voor nuttige toepassing bij recultivering van een kleigroeve. De staatssecretaris maakte bezwaar tegen deze overbrenging op grond van een onjuiste kwalificatie van de afvalstoffen als nuttige toepassing, stellende dat het mengen met andere afvalstoffen een verwijderingshandeling betrof.
De Voorzitter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening en oordeelde dat de eerste handeling na overbrenging bepalend is voor de kwalificatie. Verzoekers stelden dat de afvalstoffen direct als vulmateriaal worden ingezet, wat niet werd weersproken. Daarom was het bezwaar onzorgvuldig voorbereid en ondeugdelijk gemotiveerd.
De Voorzitter schorst het bestreden besluit en verleent voorlopige schriftelijke instemming met de overbrenging. Tevens veroordeelt hij de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De zaak betreft een belangrijke toetsing van de toepassing van Europese regelgeving op afvaloverbrenging en de juiste interpretatie van nuttige toepassing versus verwijdering.
Uitkomst: Het bezwaar van de staatssecretaris is geschorst en voorlopige schriftelijke instemming verleend voor de overbrenging van minerale stoffen naar Duitsland.