ECLI:NL:RVS:2005:AT3723
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Ch.W. Mouton
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake aanwijzing kadastrale percelen onder Wet voorkeursrecht gemeenten
De raad van de gemeente Maastricht heeft bij besluit van 23 januari 2001 kadastrale percelen aangewezen waarop de artikelen 10-24, 26 en 27 van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) van toepassing zijn. Appellante, N.V. Beheer V/h Philips Tabak, maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door de raad ongegrond werd verklaard. De rechtbank Maastricht verklaarde het beroep van appellante tegen het aanwijzingsbesluit ongegrond.
Appellante stelde in hoger beroep onder meer dat de raad niet bevoegd was het aanwijzingsbesluit te nemen omdat de gemeente geen uitbreidingscapaciteit zou hebben, maar trok deze stelling tijdens de zitting in. Verder voerde appellante aan dat zij niet tijdig tegen het bestemmingsplan kon opkomen omdat zij niet geïnformeerd was over de terinzagelegging, maar dit werd door de Afdeling verworpen omdat het college niet gehouden was haar hierover te informeren.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de raad bij de beslissing op bezwaar het algemeen belang van het bestemmingsplan zwaarder mocht laten wegen dan het belang van appellante om het gedoogde gebruik voort te zetten. Er was geen reden om het niet opkomen tegen het bestemmingsplan appellante toe te rekenen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.