ECLI:NL:RVS:2005:AT4715
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- S. Zwemstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking vergunning vaste marktplaats wegens overtreding aanwezigheidsplicht
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Amsterdam Oud Zuid heeft de vergunning van appellant voor een vaste plaats op de Albert Cuypmarkt ingetrokken vanwege overtreding van de aanwezigheidsplicht zoals vastgelegd in de Verordening op de straathandel 2000.
Appellant beschikte vanaf 1 september 2001 over een voorkeurskaart en vanaf 4 februari 2002 over een vergunning voor een vaste plaats. Hij moest daarom minimaal drie dagen per week aanwezig zijn op zijn marktplaats. Uit het dossier blijkt dat appellant deze verplichting minstens elf keer heeft geschonden tussen 1 september 2001 en 11 februari 2002, ondanks meerdere waarschuwingen.
Het dagelijks bestuur heeft de intrekking gehandhaafd, ook gelet op eerdere sancties tegen appellant wegens het regelmatig aan derden verpachten van zijn marktplaats. Het beroep van appellant tegen de intrekking is door de voorzieningenrechter ongegrond verklaard en deze uitspraak is door de Raad van State bevestigd. De Raad van State oordeelt dat het bestuur in redelijkheid tot intrekking heeft kunnen besluiten en dat de terugwerkende kracht van het besluit gelet op het feitelijk niet-gebruik van de vergunning door appellant niet onrechtmatig is.
Uitkomst: De intrekking van de vergunning voor een vaste marktplaats wordt bevestigd wegens herhaalde overtreding van de aanwezigheidsplicht.