ECLI:NL:RVS:2005:AT4735
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- W.H. Tulmans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen bouwvergunning legalisatie loods
Het college van burgemeester en wethouders van Doorn weigerde aanvankelijk op 22 augustus 2000 een bouwvergunning voor het legaliseren van een reeds gebouwde loods. Na bezwaar verleende het college alsnog op 23 december 2003 de vergunning. De rechtbank Utrecht verklaarde het daaropvolgende beroep van appellant niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
Appellant stelde dat de vergunning niet onherroepelijk was omdat het college het besluit niet volgens de vereiste procedure had bekendgemaakt en dat de vergunning van rechtswege was verleend. De Raad van State oordeelde dat het besluit wel op de juiste wijze was bekendgemaakt door toezending aan appellant, waardoor de vergunning in werking trad en onherroepelijk werd. Tevens had appellant geen belang bij de vraag of de vergunning van rechtswege was verleend, omdat de legesverordening de leges koppelt aan de aanvraagbehandeling.
De Raad van State concludeerde dat de rechtbank het beroep terecht niet-ontvankelijk had verklaard en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de bouwvergunning wordt niet-ontvankelijk verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.