ECLI:NL:RVS:2005:AT5341
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Th.G. Drupsteen
- W. van Hardeveld
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake lichtinstraling bij tennisvereniging
Bij besluit van 22 maart 2004 trok het dagelijks bestuur van de Milieudienst West-Holland de last onder dwangsom in die was opgelegd aan de Leidse Tennisvereniging De Merenwijk wegens overtreding van voorschrift 1.5.1 van het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer. Verzoekers stelden dat de tennisvereniging het voorschrift overtrad omdat directe lichtinstraling niet werd voorkomen.
Na een bezwaarprocedure verklaarde verweerder het bezwaar ongegrond. Verzoekers stelden daarop beroep in en vroegen om een voorlopige voorziening. De Voorzitter behandelde het verzoek op 28 april 2005, waarbij partijen werden gehoord.
De Voorzitter overwoog dat de vraag of sprake is van overtreding van het voorschrift in de bodemprocedure moet worden beantwoord. Geconstateerd werd dat de lichtmasten van banen vijf en zes voorzien waren van kappen en dat, hoewel directe lichtinstraling bij woningen plaatsvond, voldaan werd aan de grenswaarden van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde. Hierdoor was geen sprake van onaanvaardbare lichthinder. Bij belangenafweging wees de Voorzitter het verzoek af en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat geen sprake is van onaanvaardbare lichthinder.