ECLI:NL:RVS:2005:AT5361
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen revisievergunning veehouderij wegens stank- en visuele hinder
Bij besluit van 17 november 2004 verleende het college van burgemeester en wethouders van Barneveld een revisievergunning voor een veehouderij met diverse dieren, waaronder vleeskalveren en pony's. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning vanwege vrees voor stankhinder en visuele hinder, alsmede aantasting van landschappelijke waarden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de vergunning slechts geweigerd kan worden indien nadelige milieugevolgen niet kunnen worden voorkomen of voldoende beperkt door voorschriften. Verweerder had de Richtlijn veehouderij en stankhinder 1996 als maatstaf genomen en de afstand tot stankgevoelige objecten bleek te voldoen aan de normen, ook rekening houdend met de bestuurspraktijk voor pony's.
Verder werd geoordeeld dat de visuele hinder en aantasting van landschappelijke waarden primair planologisch worden beoordeeld en dat de aan de vergunning verbonden voorschriften omtrent beplanting voldoende waarborgen bieden. De vrees voor niet-naleving van deze voorschriften is geen grond voor weigering van de vergunning. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de revisievergunning voor de veehouderij wordt ongegrond verklaard.