ECLI:NL:RVS:2005:AT5694
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving verwijderen zonder vergunning geplaatste dakkapel aan voorzijde woning
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft appellant gelast de zonder bouwvergunning geplaatste dakkapel aan de voorzijde van zijn woning te verwijderen. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het handhavingsbesluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad overweegt dat op grond van artikel 40 van Pro de Woningwet bouwen zonder vergunning verboden is, tenzij het bouwwerk vergunningvrij is volgens artikel 42 en Pro het Besluit meldingplichtige bouwwerken. Een dakkapel is alleen vergunningvrij als deze op het achterdakvlak is geplaatst. De dakkapel van appellant bevindt zich echter aan de voorzijde, waardoor geen vergunningvrijstelling geldt.
Appellant voerde aan dat er sprake was van strijd met het gelijkheidsbeginsel omdat vergelijkbare dakkapellen in de straat achteraf vergunning kregen. De Raad stelt vast dat de dakkapel van appellant in relevante mate verschilt van die andere gevallen, zodat dit betoog faalt. Er is geen reden om af te zien van handhaving. De Raad verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit tot verwijdering van de dakkapel wordt bevestigd.