ECLI:NL:RVS:2005:AT6134
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen niet-vergunningvrije berging op recreatieterrein
Appellant werd door het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk aangeschreven om een bijgebouw/berging aan te passen of te verwijderen omdat deze niet vergunningvrij was en in strijd met het bestemmingsplan "Strokel 1973" stond. Het college handhaafde de last onder dwangsom, waarna de rechtbank Zutphen het beroep van appellant ongegrond verklaarde. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad overwoog dat de berging niet voldeed aan de voorschriften van het bestemmingsplan en dat de persoonsgebonden gedoogverklaring het strijdige gebruik niet legaliseerde. Het nieuwe bestemmingsplan bood geen uitzicht op legalisatie en het college was niet bereid een vrijstellingsprocedure te starten. Het beroep op onevenredigheid van handhaving faalde omdat appellant al bekend was met de ziekte bij het plaatsen van de berging en alternatieven mogelijk waren.
De Raad concludeerde dat het college terecht heeft gehandhaafd en dat de belangenafweging zorgvuldig was gemaakt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit tot verwijdering van de berging bevestigd.