ECLI:NL:RVS:2005:AT6179
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- B. Klein Nulent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanlegvergunning egalisatiewerkzaamheden ondanks wateroverlastbezwaar
Het college van burgemeester en wethouders van Eersel verleende op 19 november 2001 een aanlegvergunning voor egalisatiewerkzaamheden op agrarisch gebied met landschappelijke waarde. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning vanwege vermeende wateroverlast op zijn perceel. Het college verklaarde het bezwaar ongegrond en de rechtbank 's-Hertogenbosch bevestigde dit in juli 2004.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de aanlegvergunning terecht was verleend omdat het college de belangen van bodemwaarden, natuur- en landschapswaarden en archeologische waarden binnen het bestemmingsplan zorgvuldig had afgewogen. Het beroep op mogelijke wateroverlast werd verworpen omdat de werkzaamheden niet vielen onder diepwoelen of diepploegen en het college geen aanleiding zag de vergunning te weigeren.
De Raad van State bevestigde het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 25 mei 2005 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanlegvergunning wordt bevestigd.