ECLI:NL:RVS:2005:AT6574
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking toevoegingen rechtsbijstand wegens onjuiste vermogensopgave
Het bureau rechtsbijstandvoorziening van de raad voor rechtsbijstand 's-Hertogenbosch trok met terugwerkende kracht twaalf toevoegingen aan appellant sub 1 in omdat deze waren verleend op basis van onjuiste of onvolledige gegevens, namelijk het niet vermelden van een vordering van ƒ 150.000,00 (€ 68.067,03) op kopers van zijn woning. De raad verklaarde het administratief beroep van appellanten ongegrond, waarna de rechtbank het beroep van appellant sub 1 ongegrond verklaarde en dat van appellant sub 2 gegrond, maar later niet-ontvankelijk.
In hoger beroep stelde appellant sub 1 dat de vordering geen vermogen was maar een zekerheidsstelling voor werkzaamheden en kosten, en dat het vermogen als oudedagsvoorziening buiten beschouwing moest blijven. De Raad van State oordeelde dat de schuldbekentenis en de sommatiebrief van appellant sub 1 duidelijk wezen op een bestaande vordering die als vermogen moest worden aangemerkt. De stelling dat het om een oudedagsvoorziening ging was onvoldoende onderbouwd en werd verworpen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep van appellant sub 2 niet-ontvankelijk omdat hij niet als belanghebbende kon worden aangemerkt en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het beroep van appellant sub 1 ongegrond was. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant sub 1 wordt ongegrond verklaard en dat van appellant sub 2 niet-ontvankelijk.