ECLI:NL:RVS:2005:AT6958
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- A.M. van Meurs-Heuvel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning dakkapel op gemeentelijk monument ondanks bezwaren buren
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heiloo verleende op 1 juli 2003 een vergunning voor het plaatsen van een dakkapel op een gemeentelijk monument. Appellanten, buren van het pand, maakten bezwaar tegen deze vergunning en stelden dat het college niet zorgvuldig had gehandeld, met name in strijd met bepalingen van de Heilooër Monumentenverordening.
De rechtbank Alkmaar verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State. De Raad beoordeelde onder meer of het college de aanvraag op juiste wijze ter inzage had gelegd, of de Monumentencommissie correct was betrokken en of de inhoudelijke beoordeling van de vergunning juist was.
De Raad concludeerde dat de ter inzage legging en de advisering door de Monumentencommissie volgens de regels waren verlopen. De bezwaren van appellanten dat de dakkapel te groot zou zijn en dat het college het advies van de commissie niet mocht volgen, werden verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning voor de dakkapel blijft in stand.