ECLI:NL:RVS:2005:AT6968
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Th.G. Drupsteen
- M.M. van Driel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen wijziging vergunning lozen afvalwater
Bij besluit van 27 januari 2005 heeft de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat de vergunning voor het lozen van afvalwater door de rechtsvoorganger van Dynea B.V. gewijzigd. Verzoekers, gevestigd te een plaats, hebben hiertegen beroep ingesteld en verzochten tevens om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 23 mei 2005. Verzoekers betoogden dat de aan de vergunning verbonden voorschriften onterecht een separate meet- en bemonsteringverplichting voorschrijven, wat volgens hen onnodig is en hoge kosten met zich meebrengt. Zij wensen de bestaande situatie voort te zetten waarbij het afvalwater gezamenlijk wordt geloosd en bemonsterd.
De Voorzitter overwoog dat het bevoegd gezag in het belang van de bescherming van het oppervlaktewater voorschriften mag verbinden die metingen en bemonstering voorschrijven. Uit de stukken bleek dat het afvalwater momenteel gezamenlijk wordt geloosd en bemonsterd, maar dat voor een deel van de verontreinigende stoffen niet duidelijk is van welk bedrijf deze afkomstig zijn. De Voorzitter zag daarom geen reden om het verzoek toe te wijzen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen. De uitspraak werd op 3 juni 2005 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de wijziging van de vergunning voor het lozen van afvalwater wordt afgewezen.