ECLI:NL:RVS:2005:AT6977
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering bouwvergunning bedrijfswoning in agrarisch gebied
Appellante wilde een bedrijfswoning bouwen op een perceel met agrarische bestemming voor de huisvesting van een toekomstige bedrijfsleider bij een pluimveehouderij. Het college van burgemeester en wethouders van Buren weigerde de bouwvergunning omdat volgens hen geen noodzaak bestond voor een bedrijfswoning op basis van bedrijfseconomische of veiligheidsgronden.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Raad van State oordeelde dat het college zich niet zonder meer op de adviezen van de Agrarische Beoordelings Commissie en de provincie Gelderland mocht baseren, omdat niet duidelijk was of de maximale reistijd naar het perceel daadwerkelijk haalbaar was. Hierdoor was het oordeel over de noodzaak van de bedrijfswoning onvoldoende gemotiveerd.
De Raad van State vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep gegrond en gelastte het college een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de bouwvergunning wordt vernietigd.