ECLI:NL:RVS:2005:AT7413
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak inzake bestuursdwang en motivering college Haarlem
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem heeft appellante bij besluit van 23 december 2002 op grond van artikel 14 van Pro de Woningwet aangeschreven om voorzieningen te treffen aan een pand. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep eveneens ongegrond.
Appellante stelde in hoger beroep dat het college niet adequaat op haar bezwaren was ingegaan en dat het college een kostencalculatie had moeten maken om de redelijkheid van de aanschrijving te toetsen. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college verwees naar een advies van de commissie beroep- en bezwaarschriften, dat gebaseerd was op een ambtelijk verweer waarin elk bezwaar gemotiveerd werd weerlegd. Tevens was een berekening van kosten en opbrengsten gemaakt die redelijk werd geacht.
Verder was het college op grond van artikel 23, tweede lid, van de Woningwet niet verplicht een keuze te bieden tussen uitvoering van de aanschrijving en het staken van bewoning, omdat het pand behoorde tot een categorie schaarse woonruimte. Daarmee was de verhouding tussen kosten en opbrengsten irrelevant. De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.