ECLI:NL:RVS:2005:AT8736
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- K. Brink
- M.J. van der Zijpp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens tijdig besluit bestuursdwang
Verzoeker heeft op 21 november 2004 een verzoek ingediend bij het college van gedeputeerde staten van Gelderland om toepassing van bestuurlijke handhavingsmiddelen op een inrichting aan de 2e Tiefelaarsestraat 2 te Neerijnen. Na het uitblijven van een besluit heeft verzoeker op 4 april 2005 een bezwaarschrift ingediend tegen het niet tijdig nemen van een besluit en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd bij de Raad van State.
Tijdens de zitting op 15 juni 2005, waar beide partijen aanwezig waren, is vastgesteld dat verweerder op 13 december 2004 een brief heeft gestuurd waarin hij aangeeft geen overtreding te hebben geconstateerd en daarom niet handhavend zal optreden. Dit wordt gezien als het besluit op het verzoek van 21 november 2004.
De Raad van State overweegt dat dit besluit binnen de wettelijke termijn van vier weken, zoals voorgeschreven in artikel 18.16, eerste lid, onder b, van de Wet milieubeheer, is genomen. Hierdoor is er geen sprake van het niet tijdig nemen van een besluit. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het besluit tijdig is genomen.