Uitspraak
200103690/1betreffende de goedkeuring van het bestemmingsplan "Buitengebied 2000" van de gemeente Bergh heeft de Afdeling over het tegen dat goedkeuringsbesluit door appellante ingestelde beroep het volgende overwogen:
Raad van State
De gemeenteraad van Bergh (thans Montferland) stelde op 19 februari 2004 het bestemmingsplan 'Buitengebied 2000, herziening 2002' vast. Verweerder, het college van gedeputeerde staten van Gelderland, onthield bij besluit van 28 september 2004 goedkeuring aan bepaalde planonderdelen, waaronder de aanduiding 'B23' voor het perceel van appellante, een palletbedrijf.
Appellante stelde beroep in tegen dit besluit en voerde aan dat het bedrijf ten onrechte niet overeenkomstig het feitelijke gebruik was bestemd en dat verweerder een te vergaande toets had toegepast, onder meer met betrekking tot gebiedskwaliteiten, gebiedsdifferentiatie en verkeersveiligheid.
De Raad van State overwoog dat verweerder zijn beoordelingsmarge niet had overschreden en dat het provinciale beleid inzake functies in het buitengebied niet onredelijk was. De planregeling bood volgens verweerder te ruime gebruiksmogelijkheden en de landschappelijke gevolgen waren onvoldoende bezien. De Afdeling oordeelde dat het beroep ongegrond is en dat het besluit rechtmatig is genomen.
Er zijn geen nieuwe feiten of omstandigheden die tot een ander oordeel leiden sinds de eerdere uitspraak van de Afdeling in 2002. De proceskostenveroordeling wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de onthouding van goedkeuring van het bestemmingsplan is ongegrond verklaard.