ECLI:NL:RVS:2005:AT9641
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- G.J. van Muijen
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Intrekking woninggebonden subsidies na verkoop woningen niet gegrond voor gemeentesubsidies, wel voor ROA-subsidies
De zaak betreft het hoger beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om subsidies aan Woonstichting Lieven De Key in te trekken nadat de gesubsidieerde woningen waren verkocht in plaats van verhuurd.
De rechtbank had de intrekking van de subsidies vernietigd omdat het college geen wettelijke grondslag had voor de intrekking van de gemeentesubsidies en het niet had voldaan aan hoor- en motiveringsvereisten. De Raad van State bevestigt dit oordeel en stelt dat het college opnieuw moet beslissen over het bezwaar met een juiste grondslag.
Voor de ROA-subsidies oordeelt de Raad dat het dagelijks bestuur terecht de subsidies heeft ingetrokken omdat de woningen niet meer verhuurd werden, wat een vereiste is voor subsidiabiliteit. Het beroep van De Key tegen deze intrekking wordt ongegrond verklaard.
De Raad wijst verder het beroep van De Key af dat het gelijkheidsbeginsel is geschonden en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan De Key.
Uitkomst: Intrekking gemeentesubsidies onterecht, intrekking ROA-subsidies terecht; college moet opnieuw beslissen over gemeentesubsidies.