ECLI:NL:RVS:2005:AT9699
Raad van State
- Hoger beroep
- Ch.W. Mouton
- S. Zwemstra
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beslissing college Veere inzake handhaving minicamping
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Veere om handhavend op te treden tegen een minicamping van een maatschap. Het college wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk. De rechtbank Middelburg vernietigde deze beslissing en verklaarde het bezwaar ongegrond, omdat sprake was van een nieuwe aanvraag zonder nieuwe feiten of omstandigheden.
Appellant stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank. De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep gegrond is voor zover het gaat om de vergoeding van het griffierecht en de proceskosten. De rechtbank had ten onrechte het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen als orgaan aangewezen voor deze vergoeding in plaats van de gemeente Veere.
De Raad van State vernietigde daarom dat deel van de uitspraak en veroordeelde de gemeente Veere tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellant. Voor het overige werd de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De zaak werd behandeld door een enkelvoudige kamer en het hoger beroep werd op 20 juli 2005 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard voor het deel van de proceskosten en griffierecht, met veroordeling van de gemeente Veere tot vergoeding daarvan; de rest van de uitspraak is bevestigd.