ECLI:NL:RVS:2005:AU0102
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- B. Klein Nulent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit handhaving loods wegens onvoldoende motivering door college
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmerliede en Spaarnwoude legde appellant een last onder dwangsom op om een loods te verwijderen die zonder vergunning was gebouwd op grond met de bestemming agrarische doeleinden met recreatief medegebruik. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat appellant in strijd met artikel 40 van Pro de Woningwet had gehandeld en dat het college in beginsel bevoegd was handhavend op te treden. Er was geen concreet uitzicht op legalisatie, aangezien het college een strikt beleid hanteert dat bijgebouwen in het buitengebied niet groter dan 100 m² mogen zijn, en de loods deze grens overschrijdt.
Echter oordeelde de Raad dat het college in de beslissing op bezwaar niet had gereageerd op het betoog van appellant dat de gemeente de loods lange tijd had gedoogd, wat een schending van het motiveringsbeginsel oplevert. Hierdoor was de beslissing op bezwaar onvoldoende gemotiveerd en moest deze worden vernietigd.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank, en verklaarde het beroep gegrond. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en tot het nemen van een nieuw besluit met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, het besluit tot handhaving is vernietigd en het college is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.