ECLI:NL:RVS:2005:AU0107
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- J. de Koning
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep dwangsombesluiten gemeente Groningen
Appellanten werden door het college van burgemeester en wethouders van Groningen aangesproken om bloembakken en drempels te verwijderen die zij op hun uitrit hadden geplaatst, onder oplegging van een dwangsom. De bezwaren van appellanten tegen deze besluiten werden door het college ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten niet-ontvankelijk omdat zij geen procesbelang meer zouden hebben, aangezien de bloembakken en drempels inmiddels waren verwijderd.
De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt echter dat het feit dat appellanten onder druk van de dwangsom tot verwijdering zijn overgegaan, niet betekent dat zij geen belang meer hebben bij een beoordeling van de rechtmatigheid van de besluiten. Appellanten kunnen immers aanspraak maken op schadevergoeding als de besluiten onrechtmatig blijken te zijn. Ook het voornemen om de drempel opnieuw te plaatsen toont procesbelang aan.
De rechtbank heeft daarom ten onrechte het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en wijst de zaak terug voor inhoudelijke beoordeling. Tevens worden de proceskosten in hoger beroep vastgesteld en het betaalde griffierecht aan appellanten terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor inhoudelijke beoordeling.