ECLI:NL:RVS:2005:AU0111
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering vrijstelling verkoop vuurwerk vanuit woning
Het college van burgemeester en wethouders van Rijnwaarden weigerde op 25 juni 2002 een vrijstelling voor detailhandel, opslag en verkoop van vuurwerk vanuit een woning te verlenen. Appellanten maakten bezwaar, dat aanvankelijk werd afgewezen. De rechtbank Arnhem vernietigde het eerste besluit, waarna het college opnieuw op bezwaar besloot en dit keer het beroep ongegrond verklaard werd. Appellanten stelden hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom de vrijstelling werd geweigerd en dat het gemeentelijk beleid waarop het college zich baseerde niet als beleidsregel in de zin van de Awb kon worden aangemerkt. Tevens was er geen op het concrete geval toegespitste belangenafweging gemaakt. De Raad stelde vast dat het ontbreken van een bedrijfsbestemming en strijd met het bestemmingsplan niet automatisch grond voor weigering zijn, aangezien vrijstelling juist voor dergelijke situaties is bedoeld.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college en verklaarde het beroep gegrond. Het college werd opgedragen opnieuw op het bezwaar te beslissen met inachtneming van de uitspraak, waarbij ook het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel in acht moeten worden genomen. Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college tot weigering van de vrijstelling wordt vernietigd en het college moet opnieuw op bezwaar beslissen.