ECLI:NL:RVS:2005:AU0411
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- W.S. van Helvoort
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen vergunning baggerdepot Castricum
Bij besluit van 17 mei 2005 verleende het college van burgemeester en wethouders van Castricum aan het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een baggerdepot aan de Heemstederweg te Castricum. Deze vergunning werd op 26 mei 2005 ter inzage gelegd. Verzoeker, wonende te Castricum, stelde hiertegen beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 26 juli 2005. Verzoeker vreesde geurhinder vanwege de opslag van baggerspecie, maar het overgelegde geurrapport toonde aan dat binnen de geurcontour geen woningen liggen, waardoor onaanvaardbare geurhinder niet aannemelijk is. Daarnaast werd geluidsoverlast door vrachtverkeer aangevoerd, maar het akoestisch rapport gaf aan dat de geluidbelasting lager is dan de streefwaarde, en verzoeker heeft dit niet gemotiveerd betwist.
Verder stelde verzoeker dat onvoldoende was onderzocht of de normen voor stikstofdioxide en zwevende deeltjes werden nageleefd. Verweerder had berekend dat de verhoging van de achtergrondconcentraties door de inrichting en het verkeer minder dan 1 µg/m3 bedraagt, wat niet werd weersproken. De Voorzitter achtte daarom aannemelijk dat aan de grenswaarden wordt voldaan.
Gelet op deze overwegingen wees de Voorzitter het verzoek om voorlopige voorziening af. Ook werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd op 29 juli 2005 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de vergunning voor het baggerdepot wordt afgewezen.