ECLI:NL:RVS:2005:AU0737
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- C.H.M. van Altena
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen intrekking besluit vliegbewegingen helihaven Schaijk
Bij besluit van 4 december 2002 wijzigde de Minister van Verkeer en Waterstaat het eerdere besluit van 20 juli 1995 door instemming te verlenen voor cumulatie van het aantal vliegbewegingen op de helihaven aan de Zeelandsedreef te Schaijk tot 1460 per jaar.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, waarop de Minister bij besluit van 10 september 2003 gedeeltelijk gegrond verklaarde en de besluiten van 4 december 2002 en 20 juli 1995 introk. De rechtbank 's-Hertogenbosch verklaarde het door appellant ingestelde beroep tegen deze intrekking ongegrond.
Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde echter dat appellant geen belang meer had bij een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep nu het besluit waartegen het hoger beroep was gericht was ingetrokken. De Afdeling verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.