ECLI:NL:RVS:2005:AU1092
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- S.H. van den Ende
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak inzake aanschrijving voorzieningen aan pand door deelgemeente Delfshaven
Het dagelijks bestuur van de deelgemeente Delfshaven heeft appellanten bij besluit van 19 mei 2003 onder bestuursdwang aangeschreven voorzieningen te treffen aan hun pand. Na bezwaar en een gedeeltelijke gegrondverklaring handhaafde het bestuur het besluit met aangepaste motivering en begunstigingstermijn. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellanten ongegrond.
Appellanten stelden onder meer dat het besluit onrechtmatig was vanwege het ontbreken van een rechtsmiddelenclausule, te late beslissing op bezwaar en vermeend misbruik van bevoegdheid. De Raad van State oordeelde dat appellanten tijdig in hoger beroep waren gekomen en dat de verlate beslissing op bezwaar geen onrechtmatigheid opleverde. Tevens was het college bevoegd op grond van de Woningwet en was de verlenging van de begunstigingstermijn in het voordeel van appellanten.
Het betoog dat het dagelijks bestuur niet te goeder trouw handelde en misbruik maakte van zijn bevoegdheid werd verworpen. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen omdat geen aanschrijving bestond waaraan bij voorraad voldaan moest worden en het beroep ongegrond was verklaard. De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellanten wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.