ECLI:NL:RVS:2005:AU1782
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C.K.W. Bartel
- P.A. Offers
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen goedkeuring bestemmingsplannen Centrum West Zoetermeer
De gemeenteraad van Zoetermeer stelde op 28 juni 2004 de bestemmingsplannen Centrum West Carré en Centrum West Stationsomgeving vast, die voorzien in een omvangrijke herontwikkeling van het westelijke centrumgebied, inclusief hoogbouw, infrastructuur en spoorwegvoorzieningen. Verweerder keurde deze plannen op 21 december 2004 goed. Appellanten stelden beroep in tegen deze besluiten, stellende dat onder meer een milieueffectbeoordeling ontbrak, de watertoets onvolledig was, het parkeerbeleid niet werd nageleefd, en het woon- en leefklimaat door de hoogbouw ernstig zou worden aangetast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de plannen als stadsproject niet de drempelwaarden voor een MER of m.e.r.-beoordelingsplicht overschrijden. De watertoets was adequaat uitgevoerd en de afwijking van het gemeentelijke parkeerbeleid was deugdelijk gemotiveerd, mede door het streven naar beperking van autogebruik en goede OV-voorzieningen. De hoogbouwvisie werd als niet onredelijk beoordeeld en de onderzoeken naar schaduwhinder en windhinder waren voldoende. De geluidsonderzoeken toonden aan dat de geluidsbelasting door spoorwegactiviteiten binnen de normen bleef.
Gelet op deze overwegingen concludeerde de Afdeling dat de goedkeuring van de bestemmingsplannen niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en dat de beroepen ongegrond zijn. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen de goedkeuring van de bestemmingsplannen Centrum West Carré en Centrum West Stationsomgeving worden ongegrond verklaard.