Uitspraak
200300807/1vernietigde deel van het Tracébesluit "A2/A67 Randweg Eindhoven" te repareren, voorzover het betreft het tracéonderdeel "locatie […].
Raad van State
Verweerder heeft op 9 mei 2005 het Tracébesluit vastgesteld voor de ombouw van de randweg Eindhoven van twee naar vier rijbanen over het traject km 10.417-10.609. Verzoekers hebben hiertegen bij de Raad van State beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om schorsing van het besluit te bewerkstelligen.
De Voorzitter heeft het verzoek behandeld op 26 augustus 2005, waarbij partijen zijn gehoord. Verweerder heeft toegezegd dat geen werkzaamheden zullen worden gestart voordat de bodemprocedure is afgerond en dat geen onomkeerbare feitelijke werkzaamheden zullen plaatsvinden. Tevens bleek dat voor de uitvoering geen vergunningen zoals kap- of bouwvergunning nodig zijn en dat de aangevraagde vergunning op grond van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken geen betrekking heeft op de locatie.
Gelet op deze omstandigheden oordeelt de Voorzitter dat het verzoek geen spoedeisend belang bevat dat een voorlopige voorziening rechtvaardigt. Daarom wordt het verzoek afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het Tracébesluit wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.