ECLI:NL:RVS:2005:AU2599

Raad van State

Datum uitspraak
7 september 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
200506241/1
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • H. Beekhuis
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbVerordening 259/93/EEGArt. 15 Verordening 259/93/EEGArt. 18 Verordening 259/93/EEG
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bezwaar overbrenging teerhoudend asfalt naar Equatoriaal Guinee

Verzoeksters, Recycled Materials Trading B.V. en K5 Oil Centre SA, hebben bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer om de overbrenging van 228 miljoen kilogram teerhoudend asfalt naar Equatoriaal Guinee te weigeren. De Staatssecretaris baseerde zijn bezwaar op de Verordening 259/93/EEG, die het toezicht regelt op de overbrenging van afvalstoffen binnen, naar en vanuit de Europese Gemeenschap.

De Voorzitter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening en oordeelde dat de uitvoer van afvalstoffen naar ACS-staten, waaronder Equatoriaal Guinee, verboden is op grond van artikel 18 van Pro de Verordening. Verzoeksters stelden dat de controleprocedure van artikel 15 niet Pro was gevolgd, maar dit werd door de Voorzitter niet als voldoende reden gezien om het bezwaar te verwerpen.

Gezien de wettelijke bepalingen en de aard van de overbrenging, concludeerde de Voorzitter dat het bezwaar van de Staatssecretaris terecht was en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bezwaar van de Staatssecretaris tegen de uitvoer van teerhoudend asfalt naar Equatoriaal Guinee wordt afgewezen.

Uitspraak

200506241/1.
Datum uitspraak: 7 september 2005
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "Recycled Materials Trading B.V." en de besloten vennootschap naar het recht van Equatoriaal Guinee "K5 Oil Centre SA", gevestigd te respectievelijk Den Haag en Malabo (Equatoriaal Guinee),
verzoeksters,
en
de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
verweerder.
1.    Procesverloop
Bij besluit van 1 juli 2005, kenmerk NL 111799, heeft verweerder bezwaar gemaakt tegen de voorgenomen overbrenging van teerhoudend asfalt naar Equatoriaal Guinee.
Tegen dit besluit hebben verzoeksters bezwaar gemaakt.
Bij brief van 18 juli 2005, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde datum, hebben verzoeksters de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 1 september 2005, waar verzoeksters, vertegenwoordigd door mr. B.J.M. Veldhoven, advocaat te Den Haag, en [directeur] van verzoekster "Recycled Materials Trading B.V.", en verweerder, vertegenwoordigd door mr. M. Piras, ambtenaar van het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, zijn verschenen.
2.    Overwegingen
2.1.    Bij het bestreden besluit heeft verweerder op grond van de Verordening 259/93/EEG van 1 februari 1993, betreffende toezicht en controle op de overbrenging van afvalstoffen binnen, naar en vanuit de Europese Gemeenschap (hierna: de Verordening) bezwaar gemaakt tegen het voornemen van verzoekster "Recycled Materials Trading B.V." om 228.000.000 kg teerhoudend asfalt over te brengen naar verzoekster "K5 Oil Centre SA" te Equatoriaal Guinee. Niet in geschil is dat de over te brengen afvalstoffen zijn opgenomen in bijlage III van de Verordening onder code AC 020.
2.2.    Verweerder heeft aan zijn besluit om bezwaar te maken de overweging ten grondslag gelegd dat de onderhavige overbrenging van afvalstoffen in strijd is met artikel 18 van Pro de Verordening.
2.3.    Verzoeksters kunnen zich niet met het bestreden besluit verenigen en stellen dat verweerder heeft verzuimd de in artikel 15 van Pro de Verordening opgenomen controleprocedure voor de overbrenging van bepaalde soorten afvalstoffen te volgen.
2.4.    Vaststaat dat Equatoriaal Guinee een ACS-staat is. In artikel 18, eerste lid, van de Verordening is bepaald dat de uitvoer van afvalstoffen naar ACS-staten verboden is. Gelet hierop en nu de in artikel 18, tweede lid, van de Verordening opgenomen uitzondering op voornoemd verbod tot uitvoer naar ACS-staten, gezien de stukken en het ter zitting verhandelde, niet van toepassing is, is de Voorzitter van oordeel dat verweerder terecht bezwaar heeft gemaakt tegen de uitvoer van teerhoudend asfalt naar Equatoriaal Guinee. In hetgeen verzoeksters hebben aangevoerd omtrent de in artikel 15 van Pro de Verordening opgenomen controleprocedure, ziet de Voorzitter geen aanleiding voor een ander oordeel.
2.5.    Gelet hierop ziet de Voorzitter, bij afweging van de betrokken belangen, aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2.6.    Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3.    Beslissing
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. H. Beekhuis, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. D.A.B. Montagne, ambtenaar van Staat.
w.g. Beekhuis    w.g. Montagne
Voorzitter    ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 7 september 2005
374.