ECLI:NL:RVS:2005:AU2992
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- D. Roemers
- S.J.E. Horstink-Von Meyenfelt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning en handhaving zonder vrijstelling uitbreiding bedrijfswoning
Het college van burgemeester en wethouders van Boxtel weigerde een bouwvergunning voor de uitbreiding van een bedrijfswoning en legde een dwangsom op voor de zonder vergunning gerealiseerde uitbreiding. Appellant stelde dat vrijstelling verleend had moeten worden op grond van het bestemmingsplan of de Wet op de Ruimtelijke Ordening. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de appellant ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college bevoegd was vrijstelling te verlenen voor uitbreiding tot 750 m³, maar dat het college terecht geen vrijstelling verleende omdat de uitbreiding de maximale maatvoering overschreed. De rechtbank en de Afdeling stelden vast dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan en dat het college de belangenafweging in redelijkheid had gemaakt. Het college kon handhavend optreden tegen de zonder vergunning gerealiseerde uitbreiding.
De Afdeling benadrukte dat handhaving in beginsel moet plaatsvinden tenzij bijzondere omstandigheden zoals uitzicht op legalisatie of disproportionaliteit aanwezig zijn, wat hier niet het geval was. De financiële belangen van appellant wogen niet zwaarder dan het algemeen belang bij handhaving. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning en handhaving worden bevestigd.