ECLI:NL:RVS:2005:AU3342
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Beekhuis
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing last onder dwangsom milieustraat Goirle
Bij besluit van 15 februari 2005 legde de provincie Noord-Brabant aan het college van burgemeester en wethouders van Goirle een last onder dwangsom op wegens overtreding van voorschrift 2.1.2 van de vergunning voor een milieustraat en artikel 8.1 van de Wet milieubeheer. Verzoeker betwistte de last onder dwangsom en stelde dat hij niet de overtreder was en de overtreding niet kon voorkomen. De Voorzitter oordeelde dat verzoeker als vergunninghouder wel degelijk verantwoordelijk is en de last terecht is opgelegd.
Verzoeker voerde verder aan dat het besluit niet binnen de wettelijke termijn op een handhavingsverzoek was genomen, maar dit was geen reden voor vernietiging. Daarnaast was onduidelijk welke meethoogte voor geluidgrenswaarden geldt: verzoeker stelde 1,5 meter, verweerder 5 meter zoals in het akoestisch rapport. De Voorzitter vond dat dit nader onderzoek vergt en dat in deze procedure onvoldoende duidelijkheid bestond over de juiste meethoogte en daarmee over de overtreding.
Daarom werd het besluit geschorst voor zover het de overtreding van voorschrift 2.1.2 betreft. Het verzoek tot voorlopige voorziening werd verder afgewezen. De provincie werd verplicht het betaalde griffierecht aan verzoeker te vergoeden. De uitspraak is gedaan op 19 september 2005 door de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De last onder dwangsom is geschorst voor overtreding van voorschrift 2.1.2 vanwege onduidelijkheid over de juiste meethoogte geluidgrenswaarden.