Uitspraak
200405624/1vernietigd. Gelet hierop, en nu de geldigheidsduur van de eerder voor de inrichting verleende milieuvergunning is verlopen, is de inrichting zonder vergunning in werking.
Raad van State
Verzoekster kreeg op 10 augustus 2005 een last onder dwangsom opgelegd vanwege het zonder de vereiste milieuvergunning shredderen van metaal op haar inrichting. De geldigheid van de eerdere milieuvergunning was verlopen en een eerdere vergunning was vernietigd, waardoor de inrichting zonder vergunning opereert.
Verweerder was voornemens om bepaalde activiteiten te gedogen, maar het shredderen kon niet worden vergund vanwege overschrijding van geluidsnormen, ongecontroleerde emissies en overlast voor omwonenden. Verzoekster stelde dat met een nieuw shreddersysteem milieugevolgen mogelijk beperkt kunnen worden, maar dit systeem vereiste een aanzienlijke investering en er was geen concreet zicht op legalisatie van de bestaande installatie.
De Raad van State oordeelde dat handhavend optreden gerechtvaardigd is, omdat het belang van handhaving zwaarder weegt dan de bedrijfseconomische gevolgen voor verzoekster. De overlast voor omwonenden is aanzienlijk en er zijn geen bijzondere omstandigheden die het niet-handhaven rechtvaardigen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wordt afgewezen.