ECLI:NL:RVS:2005:AU3774
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- P.A. de Vink
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom wegens vermeende geluidsoverlast
Bij besluit van 5 juli 2005 legde het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant aan verzoekster een last onder dwangsom op wegens overtreding van voorschrift 7.1 van haar milieuvergunning, gebaseerd op geluidmetingen en -berekeningen die een overschrijding van de geluidgrenswaarde aantoonden.
Verzoekster betwistte deze overtreding en voerde aan dat de aannames over de ventilatorcapaciteit onjuist waren. De Voorzitter stelde vast dat verweerder onvoldoende onderzoek had verricht naar de daadwerkelijke overtreding, waardoor het besluit niet kon worden gehandhaafd.
Daarom werd het besluit geschorst bij wijze van voorlopige voorziening. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht die verzoekster had gemaakt voor de behandeling van het verzoek.
De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldig en voldoende onderzoek door bestuursorganen alvorens dwangsommen op te leggen, en bevestigt de rol van voorlopige voorzieningen in bestuursrechtelijke procedures.
Uitkomst: Het besluit tot last onder dwangsom is geschorst en de provincie Noord-Brabant is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.