ECLI:NL:RVS:2005:AU3786
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- P.M.M. de Leeuw-van Zanten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing CBR over geschiktheid rijbewijs voor vijf jaar
Appellant was door het CBR geschikt verklaard voor het besturen van motorrijtuigen van categorieën B en E bij B voor een termijn van vijf jaar. Appellant maakte bezwaar tegen deze termijn, dat door het CBR ongegrond werd verklaard. De rechtbank Rotterdam vernietigde het besluit op bezwaar, maar het CBR nam een nieuw besluit waarbij het bezwaar wederom ongegrond werd verklaard.
In hoger beroep stond centraal of het CBR terecht had geoordeeld dat er redelijke gronden waren voor de geschiktheidstermijn van vijf jaar. De rechtbank had het eerdere besluit op bezwaar vernietigd wegens strijd met de artikelen 3:2 en 3:9 van de Awb, maar had niet beslist dat de termijn van vijf jaar niet gehandhaafd kon blijven.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank terecht had besloten het CBR te verplichten een nieuw besluit te nemen, mede omdat een eigen medische expertise door de rechtbank niet had kunnen leiden tot een definitieve beslissing. Het betoog van appellant dat hij niet schizofreen was en dat een getuige over zijn rijgedrag gehoord had moeten worden, werd verworpen.
Het nieuwe besluit van 4 mei 2005, gebaseerd op een nader uitgewerkt medisch rapport, bood voldoende grondslag voor de termijn van vijf jaar. Appellant had niet meegewerkt aan een nieuwe keuring en geen toestemming gegeven voor het opvragen van aanvullende informatie. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant tegen het besluit van het CBR is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.