2.2. Ingevolge artikel 44, eerste lid, aanhef en onder c, van de Woningwet (oud), moet de bouwvergunning worden geweigerd, indien het bouwwerk in strijd is met een bestemmingsplan of de krachtens zodanig plan gestelde eisen. Ingevolge artikel 46, derde lid, van de Woningwet, wordt een aanvraag om bouwvergunning die slechts kan worden ingewilligd na vrijstelling als bedoeld in de artikelen 15, 17 of 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (hierna: WRO) geacht mede een verzoek om zodanige vrijstelling in te houden. Ingevolge artikel 15, eerste lid, aanhef en onder a, van de WRO, kan bij een bestemmingsplan worden bepaald dat burgemeester en wethouders met inachtneming van de in het plan vervatte regelen bevoegd zijn van bij het plan aan te geven voorschriften vrijstelling te verlenen. Ingevolge het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Kom Loenen aan de Vecht" (hierna: het bestemmingsplan) hebben de gronden waarop het bouwplan is voorzien de bestemming "Woondoeleinden" en "Erven". Ingevolge artikel 6, eerste lid, van de planvoorschriften, kunnen burgemeester en wethouders, indien niet reeds op grond van hoofdstuk II vrijstelling kan worden verleend, vrijstelling verlenen van de bepalingen van het plan voor:
a. afwijkingen van maten (waaronder hellingshoeken, maar niet dwarsprofielen) met ten hoogste 15%;
b. overschrijding van bestemmingsgrenzen, voorzover zulks van belang is voor een technisch of esthetisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voorzover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3.00 m bedragen, geen vergroting van bestemmingsvlakken inhouden anders dan bedoeld onder a en niet ten koste gaan van aangegeven dwarsprofielen.
Ingevolge artikel 6, tweede lid, van de planvoorschriften, wordt vrijstelling niet verleend indien daardoor:
a. onevenredig afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. de waarden van de gronden met de bestemmingen "L" en "water met landschappelijke waarden" en/of de waarden van het beschermde dorpsgezicht onevenredig worden of kunnen worden aangetast.
Ingevolge artikel 9, eerste lid, onder a, van de planvoorschriften, zijn gronden vallend onder de bestemming "Woondoeleinden" bestemd voor "wonen" (W).
Ingevolge artikel 9, tweede lid, van de planvoorschriften, mogen op gronden met de bestemming "W" uitsluitend worden gebouwd:
- woningen en daarbijbehorende gebouwen;
- bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
Ingevolge artikel 16, eerste lid, van de planvoorschriften, zijn de gronden op de kaart aangewezen voor "Erven" bestemd voor de volgende doeleinden:
a. erven bij de hoofdgebouwen op hetzelfde bouwperceel;
b. erven bij woonwagens;
c. erven ter plaatse van de nadere aanwijzing "(wb)" uitsluitend voor erven bij woonboten.
Ingevolge artikel 16, tweede lid, van de planvoorschriften, mogen op de gronden uitsluitend worden gebouwd:
a. uitbouwen en bijgebouwen;
b. bouwwerken geen gebouwen zijnde.