ECLI:NL:RVS:2005:AU4965
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- D.A.C. Slump
- E.D. Boer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunningen dakopbouw Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 18 november 2004 zes bouwvergunningen verleend voor het vergroten van woningen met een dakopbouw. Verzoekers maakten bezwaar tegen deze vergunningen, dat door het college op 17 juni 2005 ongegrond werd verklaard. De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van verzoekers gegrond en vernietigde de besluiten op bezwaar, met de opdracht aan het college om opnieuw te beslissen.
Verzoekers verzochten vervolgens de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen. De Voorzitter behandelde het verzoek en overwoog dat de bouwplannen voldoen aan de maximale bouwhoogte van 10 meter zoals bepaald in het bestemmingsplan "Duinlaan". Er was geen sprake van een kennelijke misslag in het bestemmingsplan en geen strijd met een goede ruimtelijke ordening.
Verder oordeelde de Voorzitter dat het college terecht het positieve advies van de welstandscommissie van 13 oktober 2004 heeft gevolgd en dat de welstandstoets passend was binnen de bouwmogelijkheden van het bestemmingsplan. Verzoekers hadden geen deskundig tegenadvies overgelegd. Gezien deze omstandigheden was er geen reden om aan te nemen dat de bouwvergunningen onrechtmatig zijn of dat de uitspraak van de voorzieningenrechter niet in stand zal blijven.
Daarom wees de Voorzitter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouwvergunningen wordt afgewezen.