ECLI:NL:RVS:2005:AU4977
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- P.A. Offers
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen bouwvergunning voor berging
Het college van burgemeester en wethouders van Bergambacht verleende op 28 december 2000 een bouwvergunning voor het plaatsen van een berging op een perceel. Appellant maakte op 22 mei 2001 bezwaar tegen deze vergunning, ruim na de wettelijke bezwaartermijn. Het college verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk en de rechtbank bevestigde dit oordeel in oktober 2004.
Appellant voerde aan dat sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding op grond van artikel 6:11 Awb Pro, onder meer omdat hij pas later op de hoogte was van de vergunningverlening. De Raad van State oordeelde dat appellant eind maart 2001 bekend had moeten zijn met de vergunning, gelet op onder meer een bouwtekening die hem op 3 januari 2001 was getoond en correspondentie in maart 2001.
De Raad van State stelde dat het bezwaar niet tijdig was ingediend en dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was, mede omdat appellant ruim na de termijn bezwaar maakte en had kunnen navragen bij de gemeente. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar tegen de bouwvergunning wordt bevestigd.