ECLI:NL:RVS:2005:AU5006
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- W. van den Brink
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak over planschadevergoeding na planologische wijziging
Appellant, de gemeente Lochem, kende op grond van artikel 49 WRO Pro een schadevergoeding toe aan wederpartij wegens planschade veroorzaakt door een bestemmingsplanwijziging. Wederpartij betwistte de hoogte van deze vergoeding en stelde beroep in bij de rechtbank Zutphen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit van de gemeente en stelde de schadevergoeding vast op € 7000, vermeerderd met wettelijke rente. De gemeente ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte zelf in de zaak had voorzien omdat het taxatierapport waarop zij zich baseerde gebreken vertoonde, zoals het ontbreken van een planvergelijking en onvoldoende rekening houden met maximale planologische mogelijkheden. De Raad vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank voor zover het de schadevergoeding vaststelde, bevestigde de vernietiging van het bestreden besluit en verwees de zaak terug naar de gemeente voor een nieuwe beslissing.
De Raad concludeerde dat de waardebepaling door de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ) onvoldoende was gemotiveerd, maar ook dat het taxatierapport van wederpartij niet volledig betrouwbaar was. De zaak moet nu opnieuw worden beoordeeld door de gemeente, waarbij een zorgvuldige waardebepaling vereist is.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 26 oktober 2005.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd voor zover het de schadevergoeding vaststelt; het bestreden besluit wordt vernietigd en de zaak terugverwezen.